Nog eens Wreed geluk van Hugo Claus uit de boekenplank getrokken. Daarin 18 rijmen voor de reiziger in Antwerpen. Vier daarvan:
2
Een dagje uit. De Zoo en het Zuid.
Dampen van friet en worst.
Het café deint als een kajuit.
Het café sterft van de dorst.
Psalmen, klikgeluiden, een levenslied.
Men kan het toosten niet laten
op andermans verdriet.
3
Als de schemer valt (ook voor jou),
als de dauw op de ruit,
als je naakte tenen voor het eerst
op dit tapijt, in dit hotel,
als je bang bent voor je suikerspiegel,
als je de vlinder verjaagt uit je nek.
Al verken je nog zo geducht
het gordijn, de bedden, de minibar,
wees niet bevreesd, reiziger.
Geen vrees kan je redden
Voor de doodslucht van l’art pour l’art.
4
De kathedraal staat klaar
als een raket van arduin
vol gotische instrumenten,
stalactieten, tinnen, nissen
vol heilige gebeurtenissen.
Klaar? Tel af. Nu. In het azuur!
Wij lezen in de schaduw van de kathedraal
onze krant over ons aards lief en leed
en eten de meest radioactieve
kroket van de planeet.
8
Knip je nagels niet te kort.
Vermijd koolhydraten en wrok.
Haal adem door je oren.
Kneed je kuiten.
(zij moeten jou nog ergens brengen).
Kijk niet uit het raam
dat jou verandert.
Zeg dank, reiziger, al is dit
nog zo kwalijk voor de zwezerik
en de rikketik.
Ben je van plan naar Antwerpen te gaan? Een prachtige stad, goede hotels, lekker bier, musea, aardige mensen, winkels, Vlaamse gezelligheid.
Hugo Claus heeft een aantal suggesties en groteske waarschuwingen. Want, reiziger, het is wel schoon daar, maar dan Claus’ ontnuchterende verwijten. Wat eenduidig leuk en gezellig moest zijn wordt dubbelzinnig. Hij spot met alles, ook met zijn eigen dichterschap.
Claus is een nar van het dichtershof. Zijn rijm is gemakszuchtig. Kleinerend noemt hij zijn gedichten rijmen, en dat nog terwijl er nauwelijks rijm in voorkomt. Rikketik en zwererik, worst en dorst; nissen, gebeurtenissen, uit, Zuid en kajuit, leed en planeet.
Ze zijn niet zonder humor. Spottend eindigt ieder rijm met een kwinkslag: Je in het café laven aan andermans verdriet. Ondanks alles is het museumbezoek: kunst om de kunst. In je hotelkamer geconfronteerd worden met jezelf. Een kroket etend de krant lezen die vol staat met ellende. Je kunt er steevast om lachen of huilen.
Vrees? Heeft geen zin.
Dankbaarheid, waarvoor eigenlijk?
Overdrijving is Claus niet vreemd. Hyperbolisch de radioactieve kroket. Er schijnen wel kroketten te zijn die kunnen ontploffen, maar radioactief …. .?
Naar zijn aard houdt Claus je een spiegel voor, opnieuw dubbelzinnig: kijk niet uit het raam dat je verandert. Je hoeft niet te veranderen. Blijf gewoon tevreden en blij, reiziger! Waarom niet?
Bitter zoet wordt uitvergroot tot wreed geluk.

De cartoon is van de hand van Lectrr en stond in De Standaard. Er is/was nogal wat kritiek op de renovatie van het Rubenshuis.